Archief voor de categorie Genealogie

Genlias tot 1 januari 2013 in de lucht

In samenwerking en overleg met het CBG, exploitant van WieWasWie, is besloten dat Genlias in de lucht blijft tot 1 januari aanstaande. Dit besluit is genomen als reactie op bezorgdheid over het stoppen van Genlias voordat de opvolger WieWasWie minstens een gelijkwaardig alternatief biedt.

De twee belangrijkste punten waar WieWasWie momenteel nog aan werkt, zijn het versterken van de zoekfunctionaliteit (o.a. het zoeken op twee personen tegelijk), en het verbeteren van de hoeveelheid en de kwaliteit van de beschikbare data in WieWasWie.

Het eerste punt zal naar verwachting eind oktober gerealiseerd zijn. Dit kan niet gegarandeerd worden voor het tweede punt. De software waarmee de data van Genlias overgebracht wordt naar WieWasWie blijkt de grote hoeveelheid records niet op tijd te kunnen verwerken.

Hoewel ook op dit terrein de planning nog steeds is gericht op 1 november a.s., zijn er bij het verwerken van de Genlias-data vele partijen betrokken en is het volume daarvan zodanig groot, dat het zinvol lijkt om Genlias nog een extra periode in de lucht te houden.

Bron:
Nieuwsbericht Centraal Bureau voor Genealogie
Nieuwsbericht nieuwsblog WieWasWie 

Duizenden gekaapte brieven toegankelijk

In 1980 werden ze bij toeval ontdekt in het nationale archief in Londen: duizenden handgeschreven brieven, afkomstig van Nederlandse schepen die in de zeventiende en achttiende eeuw waren buitgemaakt door de Engelsen. Uniek onderzoeksmateriaal voor zowel historici als taalkundigen, aangezien er uit deze periode weinig persoonlijke documenten zijn overgeleverd. Vanaf vandaag zijn ze voor iedereen online te raadplegen op de website www.gekaaptebrieven.nl

Tot nu toe was slechts een klein deel van deze brieven door onderzoekers gepubliceerd, bijvoorbeeld in de Brieven van de maand bij het Leidse project Brieven als buit. Daar komt nu verandering in: dankzij het werk van een groot aantal vrijwilligers komen volgende week alvast 3000 getranscribeerde brieven voor iedereen beschikbaar op internet. Voor het eind van het jaar komen daar nog eens even zoveel bij. Dat is niet alleen goed nieuws voor onderzoekers, ook geïnteresseerde leken kunnen op de website terecht om bijvoorbeeld meer te weten te komen over hun familiegeschiedenis.

Verkortingen
110 vrijwilligers werken sinds 1 december 2011 aan het transcriberen (nauwkeurig overtikken) van de brieven. Daarin worden ze begeleid door Nicoline van der Sijs, onderzoeker op het Meertens Instituut: “De meeste vrijwilligers hadden wel enige ervaring opgedaan of een geschiedenis waardoor ze de moeilijk leesbare handschriften konden lezen. Een klein groepje van tien mensen met veel expertise heeft de correctie gedaan: zij hebben enorm veel werk verricht.” 

Met een op het Meertens Instituut ontwikkelde ‘editor’ konden veel mensen tegelijk aan de brieven werken. Een dergelijke grootschalige vorm van ‘crowdsourcing’ , waarbij het publiek betrokken wordt bij het onderzoek en taken verricht waarvoor onderzoekers binnen hun werktijd geen mogelijkheden hebben, is voor Nederland relatief nieuw. 

Wat de documenten zo moeilijk leesbaar maakt, is niet alleen de slordigheid (of onervarenheid) van de handschriften en de slechte staat ervan (veel brieven zijn opgerold geweest, incidenteel zitten er gaten in), legt de onderzoekster uit, maar ook het grote aantal verkortingen in de teksten: “De vrijwilligers hebben enorm hun best gedaan om uit te zoeken waar die verkortingen voor staan. In de transcripties zijn de vertalingen altijd tussen haakjes geplaatst, zodat je kan zien dat het een interpretatie is. Zo wordt DGG vaak gebruikt voor de vaste formule D(ie) G(od) G(eleide), en gebruikt men m. voor zowel de oude vochtmaat muts als de landmaat morgen, maar ook voormerk en maakt: “Het kan soms een heel gepuzzel zijn om uit te vinden wat er is bedoeld.”

Metadata 
De vrijwilligers hebben niet alleen de brieven vertaald, maar ook zogenaamde metadata toegevoegd. Dat zijn gegevens als jaartal, tekstsoort, afzender en geadresseerde. Die metadata vergemakkelijken het doorzoeken van de brievendatabank, zodat iedereen zijn eigen vragen op het materiaal kan loslaten. Van der Sijs: “Je kunt zeggen: geef mij alle brieven en zet ze in chronologische volgorde of: geef mij alle brieven van een bepaald schip, van een bepaalde afzender of naar een bepaalde kapitein gestuurd.” 

Er zijn wel eerder brieven getranscribeerd en toegankelijk gemaakt voor het grote publiek, maar nooit in deze orde van grootte.

Bovendien gaat het vaak om fragmenten uit de brieven, waarbij vooral veel achtergrondinformatie wordt gegeven. Van der Sijs: “Ons doel was om de totale hoeveelheid beschikbare scans te ontsluiten, zowel aan de hand van een transcriptie als metadata, zodat leken en onderzoekers geen moeilijke handschriften meer hoeven te lezen en snel door de gegevens kunnen zoeken.” 

Taalgebruik 
Op het Meertens Instituut zal dit corpus in ieder geval geïntegreerd worden in Nederlab: een database waarin alle gedigitaliseerde teksten die van belang zijn voor de geschiedenis van de Nederlandse taal en cultuur bij elkaar worden gebracht. Daarmee kan een taalwetenschapper straks bijvoorbeeld onderzoeken in hoeverre het taalgebruik van deze handgeschreven egodocumenten uit de 17e en 18e eeuw verschilt van gedrukte teksten uit diezelfde periode. 

Van der Sijs:

Nu we zo’n groot tekstbestand hebben, kunnen we het taalgebruik daarvan ook vergelijken met dagboeken of egodocumenten die zijn geschreven door Nederlanders die zich op andere continenten hebben gevestigd.

In het vroegere Nieuw-Amsterdam (New York) zijn bijvoorbeeld veel documenten bewaard gebleven. Is het taalgebruik van Nederlanders in de VS veranderd, en zo ja: in welke opzichten en hoe snel is dat gegaan? Tegenwoordig bestaan er computerprogramma’s die de verschillen en overeenkomsten in teksten kunnen vinden, mits de tekstbestanden maar groot genoeg zijn. Ik ben heel erg benieuwd wat dit soort tekstvergelijkend onderzoek in de toekomst aan nieuwe inzichten gaat opleveren.


Zakelijke post
Het beschikbaar gekomen (onderzoeks)materiaal is heel gevarieerd van aard. Zo is ongeveer de helft van de brieven zakelijke post, weet de onderzoekster: “Denk aan vrachtbrieven en financiële overzichten, die bijvoorbeeld voor economisch historici relevant zijn. Er zijn ook hele plantagelijsten uit Suriname met informatie over kasboeken, hoeveel negers er waren, hoeveel ze daarmee verdienden. Het is niet zo dat we daar nu helemaal niets over weten, maar dit is wel een heel mooie aanvullende bron.”

Ook zijn de brieven geschreven door mensen uit alle lagen van de bevolking.

Het corpus bevat behalve brieven van en naar bemanningsleden van het schip, ook correspondentie daarbuiten, legt Van der Sijs uit: “Denk bijvoorbeeld aan iemand die een plantage had in de Oost en daar tijdelijk woonde. Wanneer hij een brief wilde sturen aan zijn familieleden gaf hij die mee aan de kapitein van het schip: ‘U vaart nu terug naar Enkhuizen? Neem dan deze brief voor mijn vrouw mee’.”

Andere talen
Overigens ligt er nog een schat aan materiaal in de archieven in Kew (Londen). Er zijn nu 9000 scans in Nederland (waarvan er zo’n 6000 worden ontsloten; op de rest staat geen tekst), maar de overige brieven zijn nooit gefotografeerd. Om hoeveel brieven het gaat is niet precies bekend, aldus Van der Sijs: “Er worden altijd getallen genoemd van 38.000, maar dat is een schatting. Die schatting komt van Roelof van Gelder, die destijds een inventarisatie heeft gemaakt. Hij heeft dat heel serieus gedaan, maar hij heeft bijvoorbeeld geen dozen opengemaakt waarop staat dat ze afkomstig zijn van Deense of Franse schepen. We weten dat in die dozen vaak ook Nederlandse teksten zitten.”

De brieven die wij nu hier hebben zijn ook voor een deel Duitstalig, Franstalig, Spaanstalig, Italiaanstalig. Die komen niet allemaal onmiddellijk op de website: het corrigeren daarvan is wat lastiger omdat we minder vrijwilligers hebben die die handschriften kunnen lezen. Maar begin volgend jaar hopen we toch zeker al het materiaal beschikbaar te hebben gemaakt.

 Klik hier om naar de gekaapte brieven te gaan.

 

Bron: ‘Duizenden gekaapte brieven toegankelijk voor iedereen’ door Mathilde Jansen in de nieuwsbrief van het Meertens Instituut, oktober 2012

Nieuws van WieWasWie over verbeteringen en Genlias

De laatste dagen is er wat onrust bij de gebruikers van Genlias en WieWasWie over de toekomst van beide sites. Op de officiële blog van WieWasWie zet WieWasWie uiteen wat de plannen voor de nabije toekomst zijn en welke verbeteringen zullen worden gerealiseerd naar aanleiding van de ervaringen met de bèta-versie van WieWasWie. Zie de blog van WieWasWie.

 

Update:
Er is nu ook een mededeling van Genlias over de nabije toekomst van de gelijknamige genealogische databank. Zie het nieuwsbericht van Genlias.

Atlassen oude & nieuwe gasthuizen Zutphen uit 17e eeuw digitaal

Het Regionaal Archief Zutphen heeft op haar website enkele bijzondere kaartenboeken van bezittingen van het Oude en Nieuwe Gasthuis uit Zutphen digitaal en online toegankelijk gemaakt. Bijzonder aan deze atlassen is, naast dat ze getekend zijn in heldere kleuren en voorzien zijn van versieringen en details, dat het bovendien mogelijk is veranderingen in grondgebruik zien.

Zo is de eerste atlas, getekend door Henrick van Gelder, in omstreeks 1663 vervaardigd, terwijl de tweede atlas over hetzelfde gebied, zo’n twintig jaar later getekend is door de landmeter Johan van Gelder. Ook tekende deze laatste in 1681 de bezittingen van de Sint anthony Groote Broederschap in. Hierdoor ontstaat een kleurrijk en gedetailleerd beeld van Zutphen en omgeving in de tweede helft van de zeventiende eeuw. 

 

Atlas Oude en Nieuwe Gasthuis 1663

De atlas uit 1663 van de bezittingen van het Oude en Nieuwe Gasthuis in Zutphen bevat 60 kaarten die getekend zijn in de meest heldere kleuren en voorzien van versieringen en details. De tekenaar is Henrick van Gelder.

 

Atlas Oude en Nieuwe Gasthuis 1683-1686

Twintig jaar na de verschijning van een eerste kaartenboek tekent Johan van Gelder een tweede serie kaarten van de bezittingen van het Oude en Nieuwe Gasthuis.

 

Atlas Sint Anthony Groote Broederschap 1681

Landmeter Johan van Gelder tekende in opdracht van de gildemeesters in 1681 de bezittingen van de Sint Anthony Groote Broederschap in. De broederschap had bezitten in o.a. Eerbeek, Hall, Hengelo en Warnsveld.

 

 

(Bron: Regionaal Archief Zutphen)

Transcripties van Zutphense brieven uit 1571 online

De werkgroep Transcripties van het Regionaal Archief Zutphen heeft een nieuwe uitgave verzorgd: transcripties van brieven uit 1571. De brieven zijn gericht aan het stadsbestuur van Zutphen of geschreven door het stadsbestuur aan andere steden. Voor het jaar 1571 is gekozen omdat dat jaar het begin markeert van de strijd tussen Staatsen en Spaansgezinden om de zeggenschap binnen de stad Zutphen. 

De werkgroep verwacht dat hun transcripties nóg meer licht werpen op deze turbulente jaren in de Zutphense geschiedenis. De transcripties zijn voorzien van een korte toelichting en woordverklaringen. Door een link te volgen kan een scan van de originele brief haarfijn worden bestudeerd.

De getranscribeerde brieven maken deel uit van de serie “ingekomen stukken en minuten van uitgegane stukken 1325-1815″ die zijn opgenomen in het Oud-archief van Zutphen. De brieven zijn van verschillende afzenders en gaan over heel verschillende onderwerpen. Wel valt op dat er relatief veel brieven afkomstig zijn van het Hof van Gelre.

Het gaat in de brieven uit 1571 dan vaak over buitengewone belastingen, bevelen van de stadhouder en waarschuwingen voor oproerkraaiers en oorlogsdreigingen.

Op 14 mei waarschuwt de stadhouder bijvoorbeeld dat rebellen van plan zijn om aanslagen te plegen op de stad Zutphen: “Seine Fürstlichheidt vernomen, dat die wederwirttigen unnd rebellen van Seine Ma[jesteit] seeckere aenslaegen op der stat Zutphen solden voirhanden hebben”. Het is duidelijk dat er roerige tijden voor de stad aanbreken!

Zelfs de meest beschadigde brieven met de moeilijkste handschriften werden door de werkgroep getranscribeerd (Bron: RA Zutphen)

Het transcriptiewerk bezorgde de werkgroep de nodige hoofdbrekens. Doordat er verschillende afzenders zijn, is het handschrift steeds wisselend. Bovendien is het schrift aan het eind van de 16e eeuw heel anders dan ons hedendaags schrift. Insiders weten dat juist het schift uit dit tijdvak tot het moeilijkste werk behoort. De namen en begrippen die in de brieven staan vermeld, waren lang niet altijd bekend. Sommige woorden leidden tot urenlang durende puzzels: “oeveldaders” blijken euveldaders of kwaadwilligen te zijn en “verrugget” betekent uitgesteld of op de lange baan geschoven.

Een voordeel van de werkzaamheden van de werkgroep is dat de brieven zijn gescand.

Daarmee is er een getrouwe kopie gemaakt van het origineel dat in veel gevallen in erg slechte staat verkeert. Enkele brieven zijn nauwelijks leesbaar zijn omdat de randen zijn weggeteerd. Het papier heeft flinke schade opgelopen door wateroverlast aan het einde van de 19e eeuw en opnieuw aan het begin van de 20e eeuw.

Op de website van het Regionaal Archief Zutphen is de transcriptie gratis te downloaden. Ook kan er op elk woord worden gezocht via de “zoek door alles”-functie die de website biedt. Zo wordt ook de van misdaden verdachte speelman Johan up Zyll aan de vergetelheid ontrukt.

Ga naar de transcriptie.
Ga naar de scans.

(Bron: nieuwsbericht Regionaal Archief Zutphen)

Borgbrieven Alem, (Kerk)Driel, Hedel en Zaltbommel online

 

In de archieven van het Streekarchief Bommelerwaard berusten in verschillende archieven borgbrieven. Borgbrieven zijn verklaringen die bij verhuizingen worden afgegeven door een instantie of particulieren uit de geboorteplaats van een persoon ten behoeve van de instanties in de plaats van vestiging (voor meer informatie over borgbrieven klik hier). Hierdoor vormen zij een waardevolle bron voor genealogisch onderzoek naar de periode vóór  de negentiende eeuw, c.q. de Burgerlijke Stand.

Borgbrief Alem SA Bommelerwaard1

Borgbrief Alem (Bron: SA Bommelerwaard)

Aan het verzamelen en scannen van de borgbrieven wordt nog steeds gewerkt en deze toegang zal dus nog vaak worden aangevuld. Tot op heden zijn gegevens en scans van 400 borgbrieven verwerkt uit de jaren tussen 1645 en 1812. Er is gekozen voor de uniforme benaming ‘borgbrieven’, maar in de praktijk worden er in de Bommelerwaard en elders allerlei benamingen door elkaar gebruikt. Vaak wordt gesproken van ‘ontlastbrieven’, ‘akten van indemniteit’ of ‘akten van readmissie’. In deze toegang zijn opgenomen ontvangen en (afschriften van) verstrekte borgbrieven uit archieven die berusten in het Streekarchief Bommelerwaard. Ze zijn uitgegeven door burgerlijke overheden, armbesturen, kerkbesturen en in sommige gevallen door particulieren. Gezocht kan worden op de namen van degenen op wiens naam de borgbrieven zijn verstrekt eventueel aangevuld met de plaats van uitgifte en ontvangst.

Borgbrieven zijn verklaringen die bij verhuizingen worden afgegeven door een instantie of particulieren uit de geboorteplaats ten behoeve van de instanties in de plaats van vestiging. Daarin wordt aangegeven dat indien degene(n) die zich elders vestigt/vestigen tot armoede vervalt/vervallen, de plaats van herkomst de lasten van de armenzorg (gedeeltelijk) zal dragen dan wel dat wordt gegarandeerd dat de dan armlastige zich wederom zonder bezwaren in de plaats van herkomst/geboorte mag vestigen.

Er bestaan allerlei variaties in de borgbrieven en de gestelde (beperkende) bepalingen. Bijvoorbeeld in het geval van een huwelijk elders wordt soms aangegeven dat de plaats van herkomst van bruid of bruidegom zich slechts gehouden acht om de helft van de kinderen uit een dergelijk huwelijk te ondersteunen bij armlastigheid. Vestiging in een andere plaats was meestal slechts toegestaan na overlegging van een borgbrief. Daarvoor stelde de plaatselijke overheden vaak regels op. In de praktijk worden die regels (verordeningen) vooral in tijden van veel armoede waarbij de armenkassen overvraagd dreigen te worden, vaak herhaald en aangescherpt en de naleving ervan gecontroleerd. Dat impliceert dat in tijden van (relatieve) welvaart de controle nogal eens te wensen overliet. Van bijvoorbeeld zowel Zaltbommel als Driel zijn gevallen bekend van mensen die meerdere malen gemaand worden om (alsnog) een borgbrief over te leggen en van uitzetting uit de plaatsen bij het ingebreke blijven.

Het was gebruikelijk om de borgbrief in te leveren in de plaats van vestiging en die weer op te halen en mee te nemen naar de nieuwe woonplaats bij verhuizing.

Indien men de plaats van vestiging niet meer verliet bleef de borgbrief in het archief van een van de plaatselijke instanties. De plaats die een borgbrief uitgaf hield voor zichzelf vaak een afschrift van de brief. Dat deed men los en/of in een register. Vaak treft men dergelijke borgbrieven aan in rechterlijke archieven bij de voluntaire akten (geloftesignaten), maar ze worden ook wel gevonden in allerlei andere rechterlijke protocollen (b.v. dingsignaten) en in dorpsarchieven en kerkelijke archieven. Een van de redenen om deze borgbrieven op de website te publiceren is juist dat ze erg lastig te vinden zijn. 

De borgbrieven bieden vaak inzicht in beroepen, gezinssamenstellingen en plaatsen van herkomst van personen. Bij het ontbreken van bevolkings-registers van vóór de 19e eeuw vormen zij een welkome aanvulling ten behoeve van het genealogisch onderzoek.

Gescande borgbrieven van Alem, (Kerk)Driel, Hedel en Zaltbommel zijn nu op de website door te bladeren en te lezen, klik hier. Momenteel wordt er gewerkt aan de index op alle namen die in deze brieven voorkomen, dus niet alleen op de persoon aan wie de borgbrief verleend is, maar op alle vermelde personen. Verder werkt het archief nog aan de selectie van borgbrieven die nog in de archieven berusten en toegevoegd kunnen worden.

Registers van de borgbrieven

(Bron: nieuwsbericht Streekarchief Bommelerwaard)

Bevolkingsregisters Amsterdam 1851-1853 online

Op de website van het Stadsarchief Amsterdam is vanaf vandaag de index van het Bevolkingsregister over de periode 1851-1853 online te raadplegen en bevat meer dan 600.000 persoonsnamen van mensen die tussen 1851 en 1853 in Amsterdam stonden ingeschreven. Om een overzicht te krijgen van wie waar woonde werden per buurt alle inwonenden van een bepaald pand genoteerd – in de meeste gevallen gezinsleden en, als ze dat hadden, ook personeel. Via de index is nu van al deze Amsterdammers te achterhalen waar zij woonden, met wie zij de voordeur deelden, en in veel gevallen ook waar zij eerder hadden gewoond en naar welk adres zij verhuisden. Ook religie en beroepen van de bewoners zijn in de registers te vinden.

Let op: de huisnummers zijn veranderd en de in de index gevonden huisnummers corresponderen daarom niet met de huidige adressen.

Gelderse memories van successie op internet

Memories van successie zijn een essentiële bron voor genealogen en historici die geïnteresseerd zijn in onder andere persoonlijke geschiedenissen. Het Gelders Archief heeft de memories van successie in Gelderland over de periode 1818 tot 1927 gedigitaliseerd. Deze documenten zijn vanaf vandaag beschikbaar op de website van het Gelders Archief. 

Wat is een memorie van successie?
In een dergelijke akte staat een overzicht van de bezittingen en schulden van een overledene. Een belastingambtenaar stelde de memorie op, die diende om de hoogte van de successierechten (belasting over een erfenis) vast te stellen.

 In deze documenten zijn terug te vinden: de naam van de overledene, plaats en datum van overlijden, overzicht van de bezittingen en schulden (en kadastrale aanduiding), naam en woonplaats van de erfgenamen en, als er een testament is, de datum van het testament en de naam van de notaris. Kinderen en (achter)kleinkinderen hoefden voor 1878 geen successierechten te betalen. 

Regionale belastingkantoren inden de successiebelasting. In Gelderland waren deze kantoren tussen 1818 en 1927 gevestigd in Arnhem, Apeldoorn, Borculo, Culemborg, Doesburg, Doetinchem, Druten, Elburg, Elst, Groenlo, Harderwijk, Hattem, Lochem, Nijkerk, Nijmegen, Tiel, Wageningen, Winterswijk, Zaltbommel, Zevenaar en Zutphen. Op de website van het Gelders Archief staat exact vermeld welke plaats in deze periode onder welk kantoor viel.

Het digitaliseringproject, dat anderhalf jaar duurde, omvat ruim 1,3 miljoen bestanden (scans, die bestaan uit beelden van handgeschreven teksten) met een omvang bijna 4 terabyte. Eén memorie kan uit verschillende bestanden bestaan.

De memories zijn te vinden via een speciale webpagina te vinden. Hier staat ook de exacte werkwijze vermeld hoe een memorie van successie kan worden gevonden. De documenten zijn nog niet op naam doorzoekbaar met een zoekfunctie. Wel zijn ze binnenkort gratis te downloaden. 

(Bron: nieuwsbericht Gelders Archief)

Universiteitsbibliotheek VU ontvangt unieke historische theologische collectie

Deze week schonken ‘honorary fellow’ van de Universiteitsbibliotheek VU Ferenc Postma en dominee Margriet Gosker hun omvangrijke historische theologische collectie uit hun privébibliotheek aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Deze collectie omvat talloze uiterst zeldzame en unieke protestantse werken uit de 15e-18e eeuw. De verzameling betekent een grote verrijking voor het onderwijs en onderzoek aan de VU. Wim Janse, decaan van de Faculteit der Godgeleerdheid en hoogleraar Kerkgeschiedenis, over de collectie: “De Postma-Gosker-bibliotheek zal de aantrekkingskracht van de VU als studiecentrum voor het internationale protestantisme aanzienlijk versterken. Jaarlijks beginnen drie à vier nieuwe promovendi daar aan hun onderzoek”.

Hongaarse collectie
De bibliotheek bevat ook veel titels uit en over Hongarije, waaronder academische geschriften en werken over de kerkgeschiedenis. Als buitengewoon hoogleraar, verbonden aan de Károli Gáspár Universiteit in Boedapest, doet Postma onderzoek naar de historische culturele en intellectuele betrekkingen tussen Hongarije en Nederland. Daarnaast is hij ‘honorary fellow’ van de Universiteitsbibliotheek VU en richt hij zich op het protestantse boek in relatie tot de geschiedenis van Hongarije.

Franeker collectie 
Een ander zwaartepunt is het zogeheten ‘Franeker (academisch) drukwerk’. Dat zijn honderden (oefen)disputaties en oraties, meestal gehouden aan de Universiteit van Franeker. In de 17e-18e eeuw was deze universiteit een belangrijk theologisch opleidingscentrum in Europa en vele honderden Hongaren kwamen hier dan ook studeren. Rector Lex Bouter, die de schenking aan de VU dankbaar aanvaardde, trok een parallel met de huidige VU en wees op de open dialoog tussen studenten van verschillende afkomst.

(Bron: persbericht VU)

WieWasWie live in bèta-versie

Vanochtend is WieWasWie stilletjes live gegaan in een bèta-versie. Bèta omdat er nog genoeg details zijn die de komende tijd aandacht behoeven. Zie de blog van WieWasWie voor méér informatie. En ga eens naar wiewaswie.nl om de site uit te proberen.

 

(Bron: nieuwsbericht CBG en WieWasWie)

Page 1 of 212