Blog

Genlias tot 1 januari 2013 in de lucht

In samenwerking en overleg met het CBG, exploitant van WieWasWie, is besloten dat Genlias in de lucht blijft tot 1 januari aanstaande. Dit besluit is genomen als reactie op bezorgdheid over het stoppen van Genlias voordat de opvolger WieWasWie minstens een gelijkwaardig alternatief biedt.

De twee belangrijkste punten waar WieWasWie momenteel nog aan werkt, zijn het versterken van de zoekfunctionaliteit (o.a. het zoeken op twee personen tegelijk), en het verbeteren van de hoeveelheid en de kwaliteit van de beschikbare data in WieWasWie.

Het eerste punt zal naar verwachting eind oktober gerealiseerd zijn. Dit kan niet gegarandeerd worden voor het tweede punt. De software waarmee de data van Genlias overgebracht wordt naar WieWasWie blijkt de grote hoeveelheid records niet op tijd te kunnen verwerken.

Hoewel ook op dit terrein de planning nog steeds is gericht op 1 november a.s., zijn er bij het verwerken van de Genlias-data vele partijen betrokken en is het volume daarvan zodanig groot, dat het zinvol lijkt om Genlias nog een extra periode in de lucht te houden.

Bron:
Nieuwsbericht Centraal Bureau voor Genealogie
Nieuwsbericht nieuwsblog WieWasWie 

Duizenden gekaapte brieven toegankelijk

In 1980 werden ze bij toeval ontdekt in het nationale archief in Londen: duizenden handgeschreven brieven, afkomstig van Nederlandse schepen die in de zeventiende en achttiende eeuw waren buitgemaakt door de Engelsen. Uniek onderzoeksmateriaal voor zowel historici als taalkundigen, aangezien er uit deze periode weinig persoonlijke documenten zijn overgeleverd. Vanaf vandaag zijn ze voor iedereen online te raadplegen op de website www.gekaaptebrieven.nl

Tot nu toe was slechts een klein deel van deze brieven door onderzoekers gepubliceerd, bijvoorbeeld in de Brieven van de maand bij het Leidse project Brieven als buit. Daar komt nu verandering in: dankzij het werk van een groot aantal vrijwilligers komen volgende week alvast 3000 getranscribeerde brieven voor iedereen beschikbaar op internet. Voor het eind van het jaar komen daar nog eens even zoveel bij. Dat is niet alleen goed nieuws voor onderzoekers, ook geïnteresseerde leken kunnen op de website terecht om bijvoorbeeld meer te weten te komen over hun familiegeschiedenis.

Verkortingen
110 vrijwilligers werken sinds 1 december 2011 aan het transcriberen (nauwkeurig overtikken) van de brieven. Daarin worden ze begeleid door Nicoline van der Sijs, onderzoeker op het Meertens Instituut: “De meeste vrijwilligers hadden wel enige ervaring opgedaan of een geschiedenis waardoor ze de moeilijk leesbare handschriften konden lezen. Een klein groepje van tien mensen met veel expertise heeft de correctie gedaan: zij hebben enorm veel werk verricht.” 

Met een op het Meertens Instituut ontwikkelde ‘editor’ konden veel mensen tegelijk aan de brieven werken. Een dergelijke grootschalige vorm van ‘crowdsourcing’ , waarbij het publiek betrokken wordt bij het onderzoek en taken verricht waarvoor onderzoekers binnen hun werktijd geen mogelijkheden hebben, is voor Nederland relatief nieuw. 

Wat de documenten zo moeilijk leesbaar maakt, is niet alleen de slordigheid (of onervarenheid) van de handschriften en de slechte staat ervan (veel brieven zijn opgerold geweest, incidenteel zitten er gaten in), legt de onderzoekster uit, maar ook het grote aantal verkortingen in de teksten: “De vrijwilligers hebben enorm hun best gedaan om uit te zoeken waar die verkortingen voor staan. In de transcripties zijn de vertalingen altijd tussen haakjes geplaatst, zodat je kan zien dat het een interpretatie is. Zo wordt DGG vaak gebruikt voor de vaste formule D(ie) G(od) G(eleide), en gebruikt men m. voor zowel de oude vochtmaat muts als de landmaat morgen, maar ook voormerk en maakt: “Het kan soms een heel gepuzzel zijn om uit te vinden wat er is bedoeld.”

Metadata 
De vrijwilligers hebben niet alleen de brieven vertaald, maar ook zogenaamde metadata toegevoegd. Dat zijn gegevens als jaartal, tekstsoort, afzender en geadresseerde. Die metadata vergemakkelijken het doorzoeken van de brievendatabank, zodat iedereen zijn eigen vragen op het materiaal kan loslaten. Van der Sijs: “Je kunt zeggen: geef mij alle brieven en zet ze in chronologische volgorde of: geef mij alle brieven van een bepaald schip, van een bepaalde afzender of naar een bepaalde kapitein gestuurd.” 

Er zijn wel eerder brieven getranscribeerd en toegankelijk gemaakt voor het grote publiek, maar nooit in deze orde van grootte.

Bovendien gaat het vaak om fragmenten uit de brieven, waarbij vooral veel achtergrondinformatie wordt gegeven. Van der Sijs: “Ons doel was om de totale hoeveelheid beschikbare scans te ontsluiten, zowel aan de hand van een transcriptie als metadata, zodat leken en onderzoekers geen moeilijke handschriften meer hoeven te lezen en snel door de gegevens kunnen zoeken.” 

Taalgebruik 
Op het Meertens Instituut zal dit corpus in ieder geval geïntegreerd worden in Nederlab: een database waarin alle gedigitaliseerde teksten die van belang zijn voor de geschiedenis van de Nederlandse taal en cultuur bij elkaar worden gebracht. Daarmee kan een taalwetenschapper straks bijvoorbeeld onderzoeken in hoeverre het taalgebruik van deze handgeschreven egodocumenten uit de 17e en 18e eeuw verschilt van gedrukte teksten uit diezelfde periode. 

Van der Sijs:

Nu we zo’n groot tekstbestand hebben, kunnen we het taalgebruik daarvan ook vergelijken met dagboeken of egodocumenten die zijn geschreven door Nederlanders die zich op andere continenten hebben gevestigd.

In het vroegere Nieuw-Amsterdam (New York) zijn bijvoorbeeld veel documenten bewaard gebleven. Is het taalgebruik van Nederlanders in de VS veranderd, en zo ja: in welke opzichten en hoe snel is dat gegaan? Tegenwoordig bestaan er computerprogramma’s die de verschillen en overeenkomsten in teksten kunnen vinden, mits de tekstbestanden maar groot genoeg zijn. Ik ben heel erg benieuwd wat dit soort tekstvergelijkend onderzoek in de toekomst aan nieuwe inzichten gaat opleveren.


Zakelijke post
Het beschikbaar gekomen (onderzoeks)materiaal is heel gevarieerd van aard. Zo is ongeveer de helft van de brieven zakelijke post, weet de onderzoekster: “Denk aan vrachtbrieven en financiële overzichten, die bijvoorbeeld voor economisch historici relevant zijn. Er zijn ook hele plantagelijsten uit Suriname met informatie over kasboeken, hoeveel negers er waren, hoeveel ze daarmee verdienden. Het is niet zo dat we daar nu helemaal niets over weten, maar dit is wel een heel mooie aanvullende bron.”

Ook zijn de brieven geschreven door mensen uit alle lagen van de bevolking.

Het corpus bevat behalve brieven van en naar bemanningsleden van het schip, ook correspondentie daarbuiten, legt Van der Sijs uit: “Denk bijvoorbeeld aan iemand die een plantage had in de Oost en daar tijdelijk woonde. Wanneer hij een brief wilde sturen aan zijn familieleden gaf hij die mee aan de kapitein van het schip: ‘U vaart nu terug naar Enkhuizen? Neem dan deze brief voor mijn vrouw mee’.”

Andere talen
Overigens ligt er nog een schat aan materiaal in de archieven in Kew (Londen). Er zijn nu 9000 scans in Nederland (waarvan er zo’n 6000 worden ontsloten; op de rest staat geen tekst), maar de overige brieven zijn nooit gefotografeerd. Om hoeveel brieven het gaat is niet precies bekend, aldus Van der Sijs: “Er worden altijd getallen genoemd van 38.000, maar dat is een schatting. Die schatting komt van Roelof van Gelder, die destijds een inventarisatie heeft gemaakt. Hij heeft dat heel serieus gedaan, maar hij heeft bijvoorbeeld geen dozen opengemaakt waarop staat dat ze afkomstig zijn van Deense of Franse schepen. We weten dat in die dozen vaak ook Nederlandse teksten zitten.”

De brieven die wij nu hier hebben zijn ook voor een deel Duitstalig, Franstalig, Spaanstalig, Italiaanstalig. Die komen niet allemaal onmiddellijk op de website: het corrigeren daarvan is wat lastiger omdat we minder vrijwilligers hebben die die handschriften kunnen lezen. Maar begin volgend jaar hopen we toch zeker al het materiaal beschikbaar te hebben gemaakt.

 Klik hier om naar de gekaapte brieven te gaan.

 

Bron: ‘Duizenden gekaapte brieven toegankelijk voor iedereen’ door Mathilde Jansen in de nieuwsbrief van het Meertens Instituut, oktober 2012

Koninklijke Bibliotheek stelt publiek belang boven privaat auteursrecht

Tijdschriften tot 1940 online via opt out

De Koninklijke Bibliotheek, nationale bibliotheek van Nederland (KB) werkt al jaren hard aan het digitaliseren en online toegankelijk maken van gedrukt Nederlands materiaal. Het auteursrecht is hierbij een complicerende factor, zelfs voor materiaal van voor de oorlog: van alle rechthebbenden is vooraf toestemming nodig. De KB heeft voor haar tijdschriftenproject 1850-1940 een andere keuze gemaakt. Geen toestemming vooraf vragen, maar een bezwaarmogelijkheid geven. Geen opt in, maar opt out.

Tweede leven voor erfgoed
Met steun van Metamorfoze, het nationaal programma voor behoud van het papieren erfgoed, digitaliseert de KB de meest geraadpleegde tijdschriften uit de 19e en vroege 20e eeuw uit haar collectie. Deze tijdschriften zijn een deel van ons gezamenlijke erfgoed geworden. Zonder de investeringen van de KB en andere erfgoedinstellingen (en dus indirect van de overheid) raken die tijdschriften, met werken van relatief onbekende makers, geheel in de vergetelheid.

Online plaatsen geeft ze als het ware een tweede leven. De wetenschap en het brede publiek kunnen zo op ontdekkingstocht in dit materiaal.

Tijdschriften en rechthebbenden
Het gaat om titels als het 
Nieuwsblad voor den Boekhandel en Sport in Beeld en van Levende Talen tot het Advocatenblad. Deze vooroorlogse tijdschriften kan de KB niet zomaar online zetten. Volgens de Auteurswet is hier vooraf toestemming van alle rechthebbenden voor nodig, en die moet de KB opsporen. En ja, veel van deze auteurs zijn inmiddels overleden, waardoor het auteursrecht meestal bij meerdere erfgenamen ligt (het Auteursrecht loopt tot 70 jaar na de dood van een maker). 

Als de KB alle mogelijke rechthebbenden zou willen vinden, dan zou een met publiek geld betaalde fulltimer meer dan vijf jaar nodig hebben om iedereen op te sporen, nog afgezien van de tijd en de kosten voor het vragen van toestemming. De opbouw van een grote online bibliotheek wordt zo ernstig vertraagd.

Opt out-aanpak
Hoe ouder het materiaal is, hoe meer tijd en geld het zoeken naar rechthebbenden kost. Voor deze vooroorlogse tijdschriften kiest de KB daarom een andere weg. Met de gratis online beschikbaarstelling ervan geeft de KB invulling aan haar publieke taak. Daarom wil de KB het publieke belang van de toegang tot dit cultureel erfgoed laten prevaleren boven de private belangen van mogelijke auteursrechthebbenden. Op deze website publiceren we de komende weken een lijst met titels van de gedigitaliseerde tijdschriften. En we roepen rechthebbenden op, zich te melden als ze bezwaar hebben tegen het online plaatsen van hun bijdragen. In dat geval maken we de betreffende bijdrage(n) ontoegankelijk.

Het overzicht van de titels van tijdschriften 1850-1940 die binnenkort online komen.
Klik hier voor meer informatie over het tijdschriftenproject 1850-1940. 

 

Bron: nieuwsbericht Koninklijke Bibliotheek

Alle jaargangen Archeologische Kroniek online

Vanwege uitzonderlijke bodemcondities is Zuid-Holland een archeologisch rijk gebied. Nog ieder jaar worden bij opgravingen talloze ontdekkingen gedaan en daar zitten vaak spectaculaire vondsten bij. In de Archeologische Kroniek Zuid-Holland is vanaf 1974 informatie verzameld over de opgravingen per woonplaats. Alle oude jaargangen van de Kroniek zijn gedigitaliseerd en zijn nu online toegankelijk.

Vanaf 1974
De Kronieken zijn hier te doorzoeken en te downloaden. Het gaat in totaal om bijna veertig jaargangen. De Archeologische Kroniek verscheen voor het eerst over het jaar 1974, toen nog als onderdeel van historisch tijdschrift ‘Holland’. Sinds de editie van 2008 wordt de Kroniek in digitale vorm gepubliceerd.

Veertig jaar archeologie
Door de jaren heen geven de Kronieken een inkijkje in de archeologische ontwikkelingen in Zuid-Holland. Terugkijkend valt op hoeveel baanbrekend onderzoek er in de provincie is verricht in de jaren ’70, ‘80 en ’90. Voor een groot deel kwam dat voort uit de economische en planologische dynamiek die Zuid-Holland kenmerkt.

Aanleg van infrastructuur en herinrichting stonden aan de basis van grote projecten zoals in Valkenburg, waar tijdens jarenlang onderzoek onder meer een Romeins fort, een weg, een nederzetting en een grafveld zijn gevonden.

Ook is de provinciale prehistorie in die jaren duidelijk op de kaart gezet. Opgravingen op de Hazendonk (Alblasserwaard), in Bergschenhoek en in Hekelingen zorgden voor een ongekende verrijking van onze kennis over de vroegste bewoning van de delta.

Provincie Zuid-holland en Erfgoedhuis
De digitalisering van de oude jaargangen is een initiatief van de provincie Zuid-Holland en het Erfgoedhuis ZH. Judith Tegelaers, hoofd van het Provinciaal Historisch Centrum van het Erfgoedhuis:

We vinden het belangrijk dat deze informatie nu toegankelijk is voor een breed publiek. In de Kronieken zijn veel interessante gegevens te vinden. Handig als je onderzoek doet, maar ook als je gewoon meer wilt weten over de geschiedenis van je eigen dorp of stad.

 

Bron: nieuwsbericht Provinciaal Historisch Centrum Zuid-Holland

Europeana zet grote stap op gebied van open data

Europeana heeft bekend gemaakt dat de metadata van meer dan 20 miljoen digitale objecten vanaf nu beschikbaar zijn onder de voorwaarden van de Creative Commons 0 Public Domain Dedication (CCO).

Hiermee is alle informatie over deze objecten uit Europa’s grootste digitale bibliotheek voor cultureel erfgoed door iedereen zonder enige beperking en kosteloos te gebruiken.

Europeana is Europa’s digitale bibliotheek, archief en museum. Meer dan 20 miljoen boeken, schilderijen, films, opnames, foto’s en archieven zijn voor iedereen digitaal toegankelijk. 2.200 organisaties uit heel Europa werken samen, waaronder in Nederland het Rijksmuseum, de Koninklijke Bibliotheek en Beeld en Geluid.

Miljoenen Europeanen die werkzaam zijn in de culturele en creatieve industrie kunnen profiteren van de recente veranderingen. Het biedt ondernemers, onderzoekers en burgers de mogelijkheid om innovatieve applicaties en games voor tablets en smartphones te maken en nieuwe webservices en portals te ontwikkelen.

Dit is een belangrijke stap in de open datastrategie van de Europese Unie die onderdeel uitmaakt van de Digitale agenda. Eurocommissaris Neelie Kroes, verantwoordelijk voor de Digitale Agenda, reageert dan ook verheugd:

Open data is such a powerful idea, and Europeana is such a cultural asset, that only good things can result from the marriage of the two. People often speak about closing the digital divide and opening up culture to new audiences but very few can claim such a big contribution to those efforts as Europeana’s shift to creative commons licensing.

Het Europeana Licensing Framework is nu compleet. Dit framework moet heldere voorwaarden creëren voor het hergebruik van de via Europeana beschikbare digitale objecten.

Bron: 

Nieuwsbericht Koninklijke Bibliotheek
Nieuwsbericht Europeana

Tropenmuseum zoekt eigenaren fotoalbums

 Site: http://www.fotozoektfamilie.nl

Nationaal Archief verstrekt niet langer kopieën uit beperkt openbare archieven

Vanaf 1 september is het bij onderzoek in het Nationaal Archief niet langer mogelijk om kopieën te laten maken van documenten uit archieven waaraan beperkingen aan de openbaarheid zijn gesteld. Dat is het resultaat van een evaluatie van de omgang met het verstrekken van reproducties uit dergelijke archieven aan bezoekers en een recente uitspraak van de Rechtbank Den Haag. Uiteraard mag u bij het raadplegen van beperkt openbaar archiefmateriaal wel aantekeningen blijven maken.

 

Wat verandert er precies?
Tot op heden was het in een beperkt aantal gevallen mogelijk om reproducties te laten maken van documenten uit beperkt openbare archieven. Bijvoorbeeld wanneer deze documenten geen persoonsgegevens bevatten, of als de persoonsgegevens van derden onleesbaar waren gemaakt (anonimiseren). Dat gaat veranderen.

Met ingang van 1 september 2012 kunt u geen kopieën meer laten maken uit archieven waarvoor beperkingen aan de openbaarheid zijn gesteld.

Waarom? Uitspraak Haagse Rechtbank
Eerder dit jaar heeft de Rechtbank Den Haag een uitspraak gedaan in een zaak die betrekking had op kopieën uit beperkt openbaar archief. De Rechtbank oordeelt dat uit de beperking aan de openbaarheid van het archief logischerwijs voortvloeit dat het niet mogelijk is om daaruit kopieën te verstrekken.

Immers, de openbaarheidsbeperkingen worden in feite opgeheven door het verstrekken van kopieën van documenten. Met alle mogelijke, schadelijke gevolgen voor de persoonlijke levenssfeer van de in de stukken genoemde personen.

De beheerder van de archiefbescheiden (in dit geval dus de gemeente Den Haag) heeft dan namelijk niet langer toezicht op het niet-openbare archiefmateriaal. De Haagse Rechtbank ziet geen bezwaar in het maken van persoonlijke aantekeningen op basis van het beperkt openbare archief.

Belang Haagse uitspraak voor Nationaal Archief
Deze uitspraak is niet alleen belangrijk voor de gemeente Den Haag. Voor het Nationaal Archief vormde hij aanleiding om de dagelijkse praktijk bij het verstrekken van reproducties uit archieven die op grond van bescherming van de privacy beperkt openbaar zijn, nog eens kritisch te bekijken. Op basis daarvan is besloten om niet langer reproducties uit beperkt openbare archieven te verstrekken. Ook niet als de gevraagde reproducties na (betaald) onderzoek geen persoonsgegevens blijken te bevatten of moeten worden geanonimiseerd.

Anonimiseren van documenten

Dat laatste is een erg arbeidsintensief proces. Alle documenten in een dossier moeten vooraf door een medewerker van het Nationaal Archief worden gecontroleerd op de aanwezigheid van persoonsgegevens van derden, ofwel: andere personen dan degene op wie het dossier betrekking heeft. Vaak gaat het dan om getuigen, mede-daders, slachtoffers bij rechtszaken, familieleden in sociale en medische aangelegenheden etc.

Voor dit arbeidsintensieve onderzoek heeft het Nationaal Archief onvoldoende capaciteit.

De beschikbare medewerkers Dienstverlening richten zich primair op de directe dienstverlening aan de balie in de studiezaal en het verlenen van inzage in beperkt openbare archieven. Daarbij komt dat het maken van reproducties uit beperkt openbare archieven geen wettelijke taak van het Nationaal Archief is.

Wat betekent het voor u?
Het is dus niet langer mogelijk kopieën te (laten) maken van beperkt openbaar archiefmateriaal. Het blijft echter wel toegestaan om tijdens het raadplegen van beperkt openbare documenten daarvan persoonlijke aantekeningen te maken.

Zoals gezegd wordt deze nieuwe situatie op 1 september van kracht. Vanaf die datum worden geen nieuwe aanvragen voor reproducties uit beperkt openbare archieven meer in behandeling genomen. Uiteraard zullen de nog lopende aanvragen voor reproducties normaal afgehandeld worden.

Uitzondering
Wanneer u toestemming heeft verkregen om beperkt openbaar archiefmateriaal in te zien vanwege de vaststelling, uitoefening of verdediging van een recht, kunt u tegen betaling nog wel reproducties ontvangen. Dit omdat u ten behoeve van een gerechtelijke procedure veelal schriftelijk bewijs zal moeten leveren. De wet heeft in deze mogelijkheid voorzien.

 

Bronnen:
nieuwsbericht Nationaal Archief op GaHetNa.nl;

uitspraak Rechtbank ‘s-Gravenhage 22-02-2012 op Rechtspraak.nl 

Nieuws van WieWasWie over verbeteringen en Genlias

De laatste dagen is er wat onrust bij de gebruikers van Genlias en WieWasWie over de toekomst van beide sites. Op de officiële blog van WieWasWie zet WieWasWie uiteen wat de plannen voor de nabije toekomst zijn en welke verbeteringen zullen worden gerealiseerd naar aanleiding van de ervaringen met de bèta-versie van WieWasWie. Zie de blog van WieWasWie.

 

Update:
Er is nu ook een mededeling van Genlias over de nabije toekomst van de gelijknamige genealogische databank. Zie het nieuwsbericht van Genlias.

Atlassen oude & nieuwe gasthuizen Zutphen uit 17e eeuw digitaal

Het Regionaal Archief Zutphen heeft op haar website enkele bijzondere kaartenboeken van bezittingen van het Oude en Nieuwe Gasthuis uit Zutphen digitaal en online toegankelijk gemaakt. Bijzonder aan deze atlassen is, naast dat ze getekend zijn in heldere kleuren en voorzien zijn van versieringen en details, dat het bovendien mogelijk is veranderingen in grondgebruik zien.

Zo is de eerste atlas, getekend door Henrick van Gelder, in omstreeks 1663 vervaardigd, terwijl de tweede atlas over hetzelfde gebied, zo’n twintig jaar later getekend is door de landmeter Johan van Gelder. Ook tekende deze laatste in 1681 de bezittingen van de Sint anthony Groote Broederschap in. Hierdoor ontstaat een kleurrijk en gedetailleerd beeld van Zutphen en omgeving in de tweede helft van de zeventiende eeuw. 

 

Atlas Oude en Nieuwe Gasthuis 1663

De atlas uit 1663 van de bezittingen van het Oude en Nieuwe Gasthuis in Zutphen bevat 60 kaarten die getekend zijn in de meest heldere kleuren en voorzien van versieringen en details. De tekenaar is Henrick van Gelder.

 

Atlas Oude en Nieuwe Gasthuis 1683-1686

Twintig jaar na de verschijning van een eerste kaartenboek tekent Johan van Gelder een tweede serie kaarten van de bezittingen van het Oude en Nieuwe Gasthuis.

 

Atlas Sint Anthony Groote Broederschap 1681

Landmeter Johan van Gelder tekende in opdracht van de gildemeesters in 1681 de bezittingen van de Sint Anthony Groote Broederschap in. De broederschap had bezitten in o.a. Eerbeek, Hall, Hengelo en Warnsveld.

 

 

(Bron: Regionaal Archief Zutphen)

Transcripties van Zutphense brieven uit 1571 online

De werkgroep Transcripties van het Regionaal Archief Zutphen heeft een nieuwe uitgave verzorgd: transcripties van brieven uit 1571. De brieven zijn gericht aan het stadsbestuur van Zutphen of geschreven door het stadsbestuur aan andere steden. Voor het jaar 1571 is gekozen omdat dat jaar het begin markeert van de strijd tussen Staatsen en Spaansgezinden om de zeggenschap binnen de stad Zutphen. 

De werkgroep verwacht dat hun transcripties nóg meer licht werpen op deze turbulente jaren in de Zutphense geschiedenis. De transcripties zijn voorzien van een korte toelichting en woordverklaringen. Door een link te volgen kan een scan van de originele brief haarfijn worden bestudeerd.

De getranscribeerde brieven maken deel uit van de serie “ingekomen stukken en minuten van uitgegane stukken 1325-1815″ die zijn opgenomen in het Oud-archief van Zutphen. De brieven zijn van verschillende afzenders en gaan over heel verschillende onderwerpen. Wel valt op dat er relatief veel brieven afkomstig zijn van het Hof van Gelre.

Het gaat in de brieven uit 1571 dan vaak over buitengewone belastingen, bevelen van de stadhouder en waarschuwingen voor oproerkraaiers en oorlogsdreigingen.

Op 14 mei waarschuwt de stadhouder bijvoorbeeld dat rebellen van plan zijn om aanslagen te plegen op de stad Zutphen: “Seine Fürstlichheidt vernomen, dat die wederwirttigen unnd rebellen van Seine Ma[jesteit] seeckere aenslaegen op der stat Zutphen solden voirhanden hebben”. Het is duidelijk dat er roerige tijden voor de stad aanbreken!

Zelfs de meest beschadigde brieven met de moeilijkste handschriften werden door de werkgroep getranscribeerd (Bron: RA Zutphen)

Het transcriptiewerk bezorgde de werkgroep de nodige hoofdbrekens. Doordat er verschillende afzenders zijn, is het handschrift steeds wisselend. Bovendien is het schrift aan het eind van de 16e eeuw heel anders dan ons hedendaags schrift. Insiders weten dat juist het schift uit dit tijdvak tot het moeilijkste werk behoort. De namen en begrippen die in de brieven staan vermeld, waren lang niet altijd bekend. Sommige woorden leidden tot urenlang durende puzzels: “oeveldaders” blijken euveldaders of kwaadwilligen te zijn en “verrugget” betekent uitgesteld of op de lange baan geschoven.

Een voordeel van de werkzaamheden van de werkgroep is dat de brieven zijn gescand.

Daarmee is er een getrouwe kopie gemaakt van het origineel dat in veel gevallen in erg slechte staat verkeert. Enkele brieven zijn nauwelijks leesbaar zijn omdat de randen zijn weggeteerd. Het papier heeft flinke schade opgelopen door wateroverlast aan het einde van de 19e eeuw en opnieuw aan het begin van de 20e eeuw.

Op de website van het Regionaal Archief Zutphen is de transcriptie gratis te downloaden. Ook kan er op elk woord worden gezocht via de “zoek door alles”-functie die de website biedt. Zo wordt ook de van misdaden verdachte speelman Johan up Zyll aan de vergetelheid ontrukt.

Ga naar de transcriptie.
Ga naar de scans.

(Bron: nieuwsbericht Regionaal Archief Zutphen)

Page 1 of 3123